De Kramsvogelhut, oorlogswinter op z’n Noors

Begin maart 2020 skieden we door de Noorse Tafjordfjella, vlakbij de Veltdalshytta. We waren midden in woest berggebied en enkele dagen verwijderd van de beschaving. We verkeerden in onwetendheid over de Coronapaniek die  inmiddels in de bewoonde wereld was uitgebroken. Enkele dagen later zouden zowel Noorwegen als Nederland in lockdown gaan, de grootste inperking van onze vrijheid sinds de Tweede Wereldoorlog. En juist toen waren we op zoek naar een bouwwerk, een museumpje ter herinnering aan een daad van verzet tijdens diezelfde oorlog…

Fieldfarehytta
De ondergesneeuwde Fieldfarehytta, begin maart 2020

De film Heroes of Telemark vertelt het verhaal van de aanslag op Hitler’s zwaarwaterfabriek in het Noorse Vemork in 1943, aan de rand van de Hardangervidda. De verzetsgroep onder leiding van Joachim Rønneberg ontkwam na de spectaculaire actie, achtervolgd door een grote groep Duitsers, via het neutrale Zweden naar Engeland. Maar de Noor Rønneberg kwam terug, en wat volgde is een weinig bekend verhaal over een aanslag op een spoorlijn en een lange survival in de Noorse bergen.

Codenaam: Operation Fieldfare

Fieldfarehytta
De fieldfarehytta in de zomer

De jonge Rønneberg ontsnapte aan het begin van de Duitse bezetting van Noorwegen per schip naar Engeland. Daar kreeg hij een militaire opleiding en maakte hij plannen voor het plegen van sabotagedaden in zijn thuisland. Hij kwam uit de omgeving van Tafjordfjella en kende de bergen daar goed. Hij kreeg toestemming voor het uitvoeren van zijn plan voor het lamleggen van de Duitse bevoorradingslijn in het Romsdal, ten noorden van Tafjordfjella, onder de codenaam Operation Fieldfare, operatie Kramsvogel. Hij werd de leider van een groepje van drie Noren dat per parachute werden gedropt in de bergen van Tafjordfjella. Maar het plan viel al gelijk aan het begin in duigen, en uiteindelijk moest Rønneberg tien maanden in vijandelijk gebied zien te overleven met weinig hulp van buitenaf.

Al tijdens Pasen 1940, nog voor de sabotageactie in Vemork, begon de verkenning vanuit de lucht van het latere werkgebied in Tafjordfjella. De bergen daar waren slecht in kaart gebracht, wat een voordeel was voor iemand met lokale kennis. Rønneberg was aan boord tijdens verkenningsvluchten, waarbij hij de bemanning van het vliegtuig om de Duitse stellingen aan de kust heen naar de bergen leidde. De ideale plek om te worden gedropt leek de omgeving van de hut Torsbu, die na enkele verkenningsvluchten kon worden gelokaliseerd. Het ging echter mis: op 10 maart 1944 dropte de piloot de drie man plus 22 parachutes met voorraad op de verkeerde plek in de sneeuw. Hangend in de lucht zag Rønneberg onder zich het witte berglandschap vlak bij de toeristenhut Reindalseter, 25 kilometer ten westen van de beoogde plek. Ze landden in steil, rotsachtig bergterrein, maar wonder boven wonder raakte niemand gewond en ging er niets verloren van de uitrusting, waaronder hun ski’s. Wat nu?

Via de radio werd contact gezocht met Londen. Een telegramboodschap leek in te houden dat er binnen enkele maanden een invasie van Noorwegen op handen was. De mannen maakten kwartier in Veltdalshytta, dat in het vroege voorjaar een veilige plek werd geacht. Vanuit deze hut van de lokale toeristische organisatie ÅST (Ålesund-Sunnmøre Turistforening, onderdeel van DNT) werden uitvalsroutes naar het Romsdal verkend, raakte het groepje bekend met het omliggende bergterrein, waar ze de meegebrachte explosieven verstopten en werd voor de zekerheid de voedselvoorraad in Reindalseter geïnspecteerd. En er werd vooral veel gewacht.

Een stiekeme voedseldiefstal

Rønneberg in de hut, 1946. Foto: Fjellposten

Eind mei kwam een nieuw bericht door uit Londen. Voorlopig zou er geen vliegtuig meer hun kant opkomen. De hoop werd uitgesproken dat ze het nog lang zonder steun uit Engeland zouden kunnen uitzingen. De drie mannen kregen het druk. Een maand later zouden de toeristen verschijnen in de bergen. Ze moesten hun basis Veltdalshytta dus verlaten en een plek zoeken om een noodonderkomen te bouwen. Die plek werd gevonden, een kilometer van de hut, op een rotsrichel pal boven de waterspiegel van een meer, onder een overhangende rotswand. Vanaf de wandelroute en vanuit de lucht zouden ze daar niet zichtbaar zijn. Er moest een hut worden gebouwd, de “Fieldfarehytta”. Het materiaal hiervoor haalden ze uit een werkplaats in de buurt van de Veltdalshytta. Ook kwam er voortdurend oud bouwmateriaal onder de smeltende sneeuw vandaan. De voedselvoorraad van Reindalseter moest worden opgehaald. Het was hard werken. Zo gingen hun dagen: na een laat diner vertrokken de mannen naar Reindalseter, op ski’s en te voet, omlaag door een dal met steile wanden. Het waren tochten met angstige momenten: op sommige passages dreigde lawinegevaar en er moest een gevaarlijke rivier worden doorwaad. ’s Avonds laat kwamen ze in Reinsdalseter, gooiden ze hun rugzakken vol met eten en sliepen ze een aantal uren. Om vijf uur ’s ochtends vertrokken ze weer naar boven. Op dat moment was de sneeuw nog hard bevroren en zouden ze geen sporen achterlaten. In Veltdalshytta gebruikten ze een laat ontbijt en daarna gingen de mannen weer aan de slag om de Fieldfarehytta te bouwen.

Dit ging zo door totdat al het eten was meegenomen zodat ze niet zouden verhongeren in de zomer. Er was één probleem. De voedseldiefstal moest geheim blijven voor de autoriteiten en mocht dus niet door ÅST worden gemeld bij de politie! Via Londen stuurden ze een radiobericht naar een handlanger in Ålesund, de grootste stad in de omgeving. Deze wist de ÅST te overtuigen de voedseldiefstal geheim te houden.

Sabotage van de spoorlijn en ontsnapping

Joachim Rønneberg. Foto: IMDB

Het werd zomer. De drie mannen bezochten nu geen enkele hut meer en ze verplaatsten zich ’s nachts door de bergen. Overdag verborgen ze zich wel eens op een uitzichtpunt boven de wandelroute om de toeristen te bespieden. Ze zagen veel bekenden voorbij trekken!

Tot de herfst kwam hun contactpersoon regelmatig op bezoek. Ze brachten hun wensen over naar de ÅST: een overvloedige voedselvoorraad in Reindalseter en de grootst mogelijke houtvoorraad in de toeristenhutten Pyttbua en Vakkerstøylen. Er kwamen namelijk geen vliegtuigen uit Engeland meer hun kant op met nieuw proviand. Ze moesten zien te overleven van wat ze in de hutten aantroffen. Het werd koud en de rantsoenen werden karig. In de Fieldfarehytta was geen kachel en binnen kwam de temperatuur niet meer boven nul. Zo vaak ze konden, bezochten ze een toeristenhut. Daar konden ze de weldaad van een houtkachel ervaren, hun kleren wassen en een lekker warm bad nemen. Bovendien ontmoetten ze hun contactpersonen daar. In Pyttbua werden de explosieven voorbereid voor de geplande aanslag. Ook vierden ze er Kerst met vrienden die zaten ondergedoken in het gehucht Brøste. Zo kwamen ze de lange, koude winter in de bergen door. Tenslotte konden ze hun plan uitvoeren: in januari 1945 werd de spoorbrug Stuguflåt in het Romsdal deels opgeblazen met 130 kg kneedbare explosieven, waardoor de Duitse aanvoerslijn van de kust naar het binnenland drie weken plat lag. Niet veel later kwam een vliegtuig de drie mannen ophalen op een bevroren meer vlak bij hun Kramsvogelhut.

Op zoek naar Rønneberg

FieldfarehyttaNa de oorlog raakte de hut in verval. In 1990, toen Joachim Rønneberg inmiddels met pensioen was gegaan, leidde hij een groepje mensen dat het hutje weer zo goed mogelijk heeft hersteld in de oorspronkelijke glorie. Het is piepklein, met drie veldbedden is de hele vloer al bijna gevuld. Binnen staat een oude radiozender.

Ik was er eerder geweest, in de zomer. Ik heb geen oorlogsfascinatie, maar vond het desondanks een indrukwekkende ervaring om het goed verstopte hutje te bezoeken. Tegenwoordig loopt er een wandelpad vanaf Veltdalshytta naar de spectaculaire locatie van de hut. Het laatste stukje pad vergt enig klauterwerk. De hut staat op de kaart gemarkeerd, daarom was ik ervan overtuigd dat ik er zo heen zou skiën. Ik ontdekte al snel de opvallende rotswand waartegen de schuilplek was gebouwd, maar kwam daar tot stilstand. Waar was het hutje?

Ik stond er bijna bovenop. Begin maart 2020 moet er zeker vier meter sneeuw gelegen hebben op die plek. Alleen het bovenste stukje van het dak stak boven het sneeuwdek uit! Wellicht waren we de eersten die de hut die winter bezochten, het was nog heel vroeg in het seizoen. We besloten de hut niet uit te graven, maar door te gaan met onze dagtocht. Een jaar eerder had een groep van Vasa Sport de hut wel in volle glorie gezien.

Joachim Rønneberg zelf skiet niet meer. Hij overleed in 2018 op 99-jarige leeftijd.

Bron: DNT Sunnmøre Fjellposten – «Fieldfare»-operasjonen og Tafjordfjellet – Joachim Rønneberg

Georganiseerde reizen

fieldfarehytta
Foto: Vasa Sport

Wil je op zoek naar de Fieldfarehytta in de ruige Tafjordfella? Vasa Sport organiseert (in 2021) op aanvraag een toerlanglauftocht naar Tafjordfjella voor jouw groep vanaf vijf personen (verslag van de tocht uit 2019).

Wel een oorlogsfascinatie? Bij Arctic Adventure kun je Rønneberg’s heroïsche missie naar de zwaarwaterfabriek van Vemork nalopen op toerlanglaufski’s tijdens de winterkampeertocht Heroes of Telemark Memorial Expedition. Surviking organiseert een huttentocht over de Hardangervidda met dit thema onder de naam Ski expeditie Hardangervidda.

Een reactie op “De Kramsvogelhut, oorlogswinter op z’n Noors

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s